Een rijke taalomgeving creëren


Een rijke leeromgeving is cruciaal om tot taalontwikkeling te komen (Paus, 2010). De leerkracht maakt zelf deel uit van deze leeromgeving. Er zijn verschillende dingen die je als leerkracht kunt doen om deze omgeving nog betekenisvoller te maken op taalgebied en kinderen te stimuleren en bevorderen om met taal aan de slag te gaan (Paus, 2010).

  • Er zijn verschillende soorten boeken aanwezig in de klas (Prentenboeken, voorleesboeken, informatieve boeken, atlas, kookboeken, encyclopedie, telefoonboek, tijdschriften, krant, reclamefolders, computer met digitale boeken). Zo komen kinderen in aanraking met verschillende vormen van geschreven taal.
  • Aandacht voor zelfgemaakte taal/schrijf producten van kinderen. Motiveren om zelfgemaakte (prenten)boeken te schrijven en deze voorlezen in de kring of gebruiken in de leeshoek. Zelfgemaakte teksten en tekeningen ophangen, opnemen in de schoolkrant of website van de school. Door leerlingen waardering te geven voor wat ze zelf hebben gemaakt worden ze ook gemotiveerd.
  • Aankleding van het lokaal/leeromgeving: leeshoek, themahoek met teksten over het thema, lettermuur, verteltafel, prikbord, nieuwtjes, woordstroken en pictogrammen van objecten in de klas. Zo’n omgeving gaat echt leven als de leerkracht en de leerlingen hiermee samen aan de slag gaan. De leerkracht moet belangstelling wekken voor taal en de kinderen laten zien dat taal overal zichtbaar is.
  • Als leerkracht heb je een voorbeeldfunctie. Laat dus zelf zien ook leest en schrijft en leg uit waarom je dat doet en waarom je dat zo leuk vindt. Ook kun je bespreken welke strategieën je gebruikt.
  • Werken met uitnodigende thema’s die aansluiten bij de leef- en belevingswereld van de leerlingen. Themawoorden met pictogrammen erbij schrijven en kinderen hierbij betrekken, themaboeken, thema hoeken en activiteiten ontwerpen in samenspraak met leerlingen.
  • Lezen en schrijven regelmatig ongedwongen in (kleine) groep onder de aandacht brengen. Dit kan heel makkelijk door bijvoorbeeld vragen te stellen als: Wat rijmt er op? Wie kan het woord in stukjes hakken? Wat betekent dit woord eigenlijk? Zal ik eens laten zien hoe je dat schrijft? Wie kan zijn eigen naam al schrijven boven het werkje?
  • Regelmatig voorlezen van verschillende soorten boeken. Maar je kunt leerlingen ook aan elkaar laten voorlezen. Je kunt laten zien hoe verhalen zijn opgebouwd door een boek te bespreken of kinderen tijdens het verhaal een voorspelling te laten doen over het einde van het boek.
  • Observeer of kinderen al letters kunnen herkennen, hakken en plakken, praat met de kinderen over de inhoud van een boek of over wat ze geschreven hebben.

Paus, H. (2010). Portaal, praktische didactiek voor het primair onderwijs (3e ed.). Bussum, Nederland: Coutinho.

 

Print Friendly, PDF & Email

Een reactie plaatsen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *