Fysieke ontwikkeling in de peuter en kleutertijd


In deze periode zijn er grote verschillen in lengte en gewicht. De gemiddelde verschillen in lengte en gewicht tussen jongens en meisjes in de peuter en kleutertijd nemen ook toe. Ook zijn er grote verschillen tussen kinderen in economisch ontwikkelde landen en ontwikkelingslanden. Dit heeft te maken met de voeding en gezondheidszorg die de kinderen in verschillende landen krijgen. Ook is er verandering in de lichaamsvorm en structuur. In de kleutertijd verliezen kinderen hun mollige en ronde vormen en worden ze slanker. Ze beginnen het vet uit de babytijd te verbranden. Hun armen en benen worden langer, en de verhoudingen gaan meer lijken op die bij volwassenen. De omvang van hun spieren nemen toe en botten worden sterker. Zintuigen blijven zich verder ontwikkelen.

Foto

Groeiende hersenen
Van alle delen van het lichaam groeien de hersenen het snelst. De hersengrootte van een 2 jarige betrekken ongeveer 75% van de grootte van volwassenen hersenen. Wanneer een kind 5 jaar is, is dit 90%. De hersenen groeien zo snel door de toename van het aantal verbindingen. Deze onderlinge verbindingen maken complexere communicatie tussen neuronen mogelijk. Dit maakt uitbreiding van de cognitieve ontwikkeling mogelijk. Daarnaast neemt de hoeveelheid Myeline toe. Dit is een beschermende laag rondom de neuronen. Door Myeline worden de elektrische impulsen door de hersencellen versneld. De snelle groei van de hersenen helpt ook bij de ontwikkeling van de fijne en grove motoriek. Aan het einde van de kleutertijd zijn vooral bepaalde delen van de hersenen hard aan het groeien. Deze bundel zenuwvezels verbindt de twee hersenhelften met elkaar.

Verschil tussen de linker en rechter hersenhelft
De linkerhersenhelft concentreert zich op taken waarvoor verbale competentie nodig is, zoals praten, lezen, denken en redeneren. De rechterhelft ontwikkelt zijn eigen sterke kanten, met name op non-verbale gebieden, zoals ruimtelijk inzicht, herkenning van patronen en tekeningen, muziek en emotionele uitingen. Beiden hersenhelften beginnen op een iets andere manier informatie te verwerken. De linkerhersenhelft benadert informatie sequentieel. Dat wil zeggen, één stukje informatie tegelijk. De rechterhersenhelft verwerkt de informatie op een globale manier. Maar de hersenhelften werken over het algemeen samen. Ze zijn van elkaar afhankelijk en de verschillen zijn klein. De hersenhelften zijn dan wel gespecialiseerd in bepaalde taken, maar ze kunnen de meeste taken van de andere hersenhelft ook uitvoeren. Wanneer je hersenbeschadiging oploopt in een bepaald deel van de hersenen, neemt de andere hersenhelft deze taak over.

Verschillen tussen het vrouwelijk en het mannelijk brein
Vanaf het eerste jaar tot in de kleuterjaren is er bij jongens en meisjes een aantal verschillen te vinden in de hersenhelften. Dit heeft te maken met het verwerken van informatie dat via het gehoor binnen komt. Taal is bij jongens duidelijk meer in de linkerhersenhelft gelokaliseerd, terwijl dit bij meisjes evenwichtiger is verdeeld tussen beiden hersenhelften. Deze verschillen kunnen een verklaring zijn waarom de taalontwikkeling van meisjes in de kleuterjaren sneller gaat dan die van jongens. We weten nog niet precies hoe groot de verschillen zijn en waarom ze ontstaan, maar het is duidelijk dat er genetische verklaring voor is dat mannelijke en vrouwelijke hersenen een beetje anders functioneren.

Foto

Volgens de psycholoog Simon Baron-Cohen zijn de verschillen tussen het mannelijk en vrouwelijk brein een verklaring voor autisme. Hij beweert dat kinderen met autisme, wat meestal jongens zijn, een ”extreem mannelijk brein” hebben. Dit brein werkt relatief goed als het gaat om systematische ordening van de wereld. Maar is zwak als het gaat om begrip voor de medemens en ervaart geen empathie.

Hersenontwikkeling en cognitieve ontwikkeling
Neurowetenschappers hebben belangrijke ontdekkingen gedaan over de hersenontwikkeling. Zo zijn er perioden in de kindertijd waarin de hersenen ongebruikelijke  groeispurts doormaken die te maken hebben met vorderingen op cognitief gebied. Uit onderzoek is gebleken van de toename van Myeline te maken heeft met deze cognitieve ontwikkelingen. Deze Myeline toename zorgt voor aandacht en concentratie. Deze toename is voltooit wanneer een kinderen 5 jaar zijn. Dit kan ook te maken hebben met de groeiende concentratieboog van kinderen. Ook het verbeterende geheugen die in de kleuterjaren optreedt, kan te maken hebben met Myeline.

Ontwikkeling van de zintuigen
Door de ontwikkeling van de hersenen krijgen ook de zintuigen de kans om zich verder te ontwikkelen. De rijping van de hersenen zorgt voor een betere beheersing van oogbewegingen, en een beter vermogen om scherp te stellen. Maar de ogen van kleuters zijn nog niet zo goed als op latere leeftijd. Kleuters hebben er vooral moeite mee om groepen met kleine lettertjes te scannen. Wanneer ze beginnen met lezen richten ze zich vaak op de eerste letter van het woord. Wanneer kinderen 6 jaar zijn kunnen ze effectief scherp stellen en scannen, wat zich nog verder ontwikkeld tot ze volwassen zijn. Kleuters gaan samengestelde objecten/figuren anders zien. Dit wordt ook wel de  perceptuele-schematisering  genoemd. Dit is het vermogen om in een tekening, die opgebouwd is uit verschillende figuurtjes, zowel het geheel als de afzonderlijke delen te zien. Kinderen worden zich beter bewust van de globale opbouw van een figuur. het gehoor is in de peutertijd al erg ontwikkeld, maar ook dit wordt nog scherper. Kleuters krijgen het vermogen om specifieke geluiden te isoleren als ze meerdere geluiden tegelijk horen. Daarom zijn sommige kleuters in groepssituaties snel afgeleid door andere geluiden.  

Print Friendly, PDF & Email

Een reactie plaatsen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *